Toolbox financiering gecombineerde leefstijlinterventie

Wet publieke gezondheid en Wet maatschappelijke ondersteuning

De komende decennia neemt het aantal ouderen en chronisch zieken fors toe door vergrijzing en veranderingen in leefstijl. Dat vraagt om een andere focus binnen het gezondheidszorgbeleid. Namelijk een focus op behoud van gezondheid en zelfredzaamheid in plaats van op behandeling van ziekten en langdurige verzorging. Bij het realiseren van deze omslag nemen gemeenten een centrale rol in. Zij hebben op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) veel mogelijkheden bij te dragen aan een betere gezondheid en grotere zelfredzaamheid van hun burgers. Gemeenten kunnen er vanuit hun wettelijke verantwoordelijkheden voor kiezen een gecombineerde leefstijlinterventie (gli) voor een wijk of doelgroep onderdeel te laten zijn van hun beleid.

Wat is de Wet publieke gezondheid?
De Wet publieke gezondheid (Wpg) is de belangrijkste landelijke, wettelijke basis van de publieke gezondheid. Op basis van deze wet zijn gemeenten verantwoordelijk voor de volksgezondheid in hun gemeente. Deze wet integreert de Wet collectieve preventie, de Infectieziektewet en de Quarantainewet. Hiermee wordt voldaan aan de internationale gezondheidsregeling van de Wereldgezondheidsorganisatie. De wet is in 2011 op drie fronten aangepast:

  1. Afstemmen van de publieke gezondheidszorg met de crisisstructuur.
  2. Versterken preventiecyclus en bevordering implementatie gemeentelijke nota gezondheidsbeleid
  3. Prenatale voorlichting aan aanstaande ouders.

Zie factsheet wijzigingen Wet publieke gezondheid

Wet maatschappelijke ondersteuning
Gemeenten zijn door de Wmo verantwoordelijk voor maatschappelijke ondersteuning. Maatschappelijke ondersteuning omvat activiteiten die het mensen mogelijk maken om mee te doen in de samenleving. Dat kan bijvoorbeeld met vrijwilligerswerk en mantelzorg, maar ook met goede informatie en advies, opvoedingsondersteuning en huishoudelijke hulp. Het begrip maatschappelijke ondersteuning is in de Wmo verwoord in negen prestatievelden. Het ministerie van VWS geeft de kaders aan waarin elke gemeente haar eigen beleid kan maken. Een beleid dat afgestemd is op de wensen en samenstelling van de inwoners.
Na de invoering van de Wmo in 2007 heeft de nadruk in eerste instantie voornamelijk gelegen op het aanbieden van de hulp bij het huishouden. Dit was een nieuwe taak voor gemeenten. Nu de meeste gemeenten dit op orde hebben, richt de aandacht zich op de vorming van een integraal Wmo-beleid met als doel duurzame oplossingen te vinden alle burgers volwaardig te laten participeren in de samenleving. Hierbij gaat het om het leggen van verbindingen tussen verschillende prestatievelden en doelgroepen binnen de Wmo én verbindingen met de aanpalende beleidsterreinen, zoals welzijn, sport, onderwijs, volkshuisvesting en de Wet werk en bijstand. 

De Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG) beschrijft in een handleiding onder andere de onderwerpen die  door een gemeente gezamenlijk vanuit de Wmo en de Wpg kunnen worden opgepakt. Daarnaast worden de mogelijkheden uitgewerkt voor een procesmatige koppeling van beide wetten.    

Voorbeeld beleidsnota met combinatie Wmo en gezondheid gemeente Heemstede 2012-2016